Posts tonen met het label Miguel Santos. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Miguel Santos. Alle posts tonen

woensdag 13 juli 2016

Publiceren

De afgelopen tijd heb ik nogal wat gesprekken gevoerd over werk uitbrengen. Vaak krijg ik, na voordrachten of na eigen introductie als 'schrijver en dichter', de vraag of ik al iets uit heb gebracht. Meestal blijft het beperkt tot 'Een roman, maar een dichtbundel laat nog op zich wachten'. En met wachten bedoel ik dan tot er een uitgever interesse toont, of mijn opgestuurde manuscript wel eens in de smaak valt.Daarnaast voer je ook met andere kunstenaars, musici, makers, wel eens gesprekken die naar mijn mening van belang zijn om je eigen kunstenaarschap te kunnen definiëren, wat het doel ervan is. het mijne is vrij simpel, eigenlijk: mooie dingen maken en uitbrengen zoals ik dat in mijn hoofd heb en op papier zet. Als ik dat daarom zelf moet doen, so be it.

De laatste paar gesprekken gingen vooral over uitbrengen in eigen beheer en de voor- en nadelen ervan. Sceptici (of dromers van het hoogste niveau) zeggen je dat het zonde is, of misschien zelfs schadelijk voor de rest van je carrière. Ik zie het vooral als een nieuw opstapje die richting op. Misschien zijn er vandaag de dag misschien meer wegen naar het beloofde land. Eén daarvan zou ook eigen beheer kunnen zijn. Zo vond ik een tijdje geleden in een bibliotheek de bundel 'van nature ben ik ouder', door de dichter John Collee. Nog nooit eerdervan gehoord, en volgens de colofon in beperkte oplage uitgebracht in samenwerking met kunstenaars. En dan lig je toch mooi met die bibliotheeksticker in de bieb, plots opgemerkt door een liefhebber van poëzie. In mijn ogen veel waardevoller dan dat dikke uitgeverscontract. Al valt daar natuurlijk over te praten.

Zoals voor sommigen bekend ga ik via honderd wegen naar Rome, dus om een lang verhaal wat in te korten: inmiddels de knoop doorgehakt om toch eens wat zelf te publiceren. MORGEN DUS verschijnt dus bij het Centraal Boekhuis dus de eerste van drie bundels: UURTJESPOËZIE Een selectie in vier volumes. Boekhandel Bosch&DeJong in de Fenix Food Factory heeft al besteld, vanaf a.s. vrijdag in de winkel zelf hoorde ik zojuist. Daarnaast: heb je of ken je een lokale boekhandel, tip ze dan even! Later volgt ook nog Bol.com en NU AL op Mijnbestseller.nl. En hopelijk op nog meer plekken!

Ik ben nog even aan het kijken of er een kleine presentatie plaats kan vinden, maar daarover later meer. Ondertussen is de tweede bundel al in de maak en volgen er nog enkele UURTJESPOËZIE-sessies voor de laatste bundel. Dat allemaal op Facebook. Dus als we geen vrienden zijn, eh, het komt uit!

M.S.

vrijdag 18 april 2014

Woordnacht

Daar waar het ene literaire evenement ophoudt te bestaan, komen er ook nieuwe voor in de plaats. Dit jaar zal voor het eerst het literaire festival Woordnacht plaatsvinden op zo'n dertig locaties door Rotterdam. En met meer dan negentig schrijvers die komen voordragen, een programma presenteren, interviews afnemen of debatten leiden. En daar doet ondergetekende ook aan mee met het podium Het Nieuwe Dicht en Frontaal.

Ook zal er poëzie voorgedragen worden door ondergetekende, maar dat is slechts bijzaak. Het gaat immers ook om de andere dichters en schrijvers op datzelfde podium. En uit mijn ervaring ben je als organisator achter de schermen juist zo min mogelijk bezig met je eigen voordracht. Dat is misschien maar goed ook. Maar we gaan het zien, die 10e mei. In Nostra, wel te verstaan. Hopelijk zie ik enkele van jullie die avond terug in het publiek!

-M.S.

vrijdag 4 april 2014

Over Rotterdam - 4 april 2014

Ook voor deze week een gedicht geschreven op basis van verschillende nieuwsberichten over Rotterdam, live voorgedragen in de show van Mark van Dale op Open Rotterdam. Mocht 09.15u te vroeg voor je zijn geweest, of was je net even iets anders aan het doen dan naar 93.9 FM te luisteren, hieronder het gedicht van 4 april met bijbehorende nieuwsberichten.

Schijt hebben aan alles
En toch doen wat je moet doen-
Of je nu een Pietje Bell
Of een belangrijke politicus bent,

Of je nu wel partij kiest
Of er juist boven wilt staan,
Of je nu lage cijfers geeft
Of juist je waardering vertaalt,

Of je nu een hoogvlieger bent
Of door de bomen het bos niet meer ziet,
Of je nu juist vooruitstrevend wil zijn
Of je vastklampt aan de nostalgie,

Of je meer een barmhartige Samaritaan bent
Of je buurman liever de hersens in slaat-
Een dakspringer maakt meer kapot dan hem lief is
En na buitenlands groen kom je weer terug in de shit.

Schijt hebben aan alles
En toch doen wat je moet doen-
De kern van het Rotterdammerschap,
Niet lullen maar toetsen.

M.S.

vrijdag 28 maart 2014

Over Rotterdam - 28 maart 2014

Ook voor deze week een gedicht geschreven op basis van verschillende nieuwsberichten over Rotterdam, live voorgedragen in de show van Mark van Dale op Open Rotterdam. Mocht 09.15u te vroeg voor je zijn geweest, of was je net even iets anders aan het doen dan naar 93.9 FM te luisteren, hieronder het gedicht van 28 maart met bijbehorende nieuwsberichten.

Dan ben je jarig,
Maar na één jaar
Ben je nog niet groot genoeg
Om een parkeerplaats te vullen-
Dat doen de grote mensen
Wel voor je,
Zolang ze je niet verlaten.

Dan ben je jarig
En kun je nog geen kleur bekennen-
In een grijs gebied
Kun je niet te wit of te zwart
Of te kleurrijk zijn en is
De service overal even slecht.

Dan ben je jarig
En versperren auto’s je weg
Naar een feestmaal
Op die ene parkeerplaats
Die wel vol staat-
Vol blijft, want niemand verrekt
Een spier of balt zijn vuisten.

Dan ben je jarig
Maar na één jaar
Spookt je stem al door je hoofd-
Is Rotterdam nu meer
Of minder leefbaar nu je groter
Geworden bent?

Dan ben je jarig
En word je weggeblazen
Door namen
Die al ‘twerkend’ de Noordzee overwaaien-
Brengen de freak in de club naar boven
Of laten je verlangen
Naar een monnikenbestaan.

Dan ben je jarig,
En na één jaar
Moet je nog steeds onder begeleiding
Naar buiten
Maar weet heel Rotterdam inmiddels
Je naam.

M.S.

vrijdag 21 maart 2014

Over Rotterdam - 21 maart 2014

Vanochtend als dichter op de radio geweest bij Open Rotterdam als proef. De opzet: een poëtisch weekoverzicht van Rotterdams nieuws, die slaagde. Volgende week vrijdag weer, rond 09.15u te horen met een nieuw gedicht over Rotterdam en nieuws uit onze stad. Vanochtend las ik onderstaand gedicht voor, heb de links naar desbetreffend nieuwsbericht verwerkt in het gedicht:

Dit zijn de namen
Die een koninklijk onthaal
Verdienen, centraal in het hart
Van de aandacht staan.

Dit zijn de namen-
Cruyffiaans met veertien,
Keurig verzameld op een lijstje
Waar u uw nummer één
Tussen al die nullen aan
Kan prijzen.

Maar stemmen alleen
Vullen geen pleinen,
Mensen ouwehoeren geen praatjes
Terwijl cafés plaats beginnen te maken
Voor barretjes waar
Je toevallig ook kunt slapen.

Nee, dit zijn de namen
Van vrouwen en mannen
Wiens luide propaganda
De noodkreet overstemde van
Die gestrande bruintjes op de Maasvlakte.

Nee, dit zijn de namen
Van Rotterdamse winnaars
Die zich eerst hebben ingelezen
Om zich te manifesteren, te verweren
Tegen de stad verlaten.

Dit zijn de namen
Van hen die geld, benzine
Of een combi in zich laten
Pompen om hun motor meer
Kennis op te laten nemen, aan te kunnen.

Dit zijn de namen
Van Rotterdammers die niet sjokken of
Mwah’ roepen maar samen
Eén stem vormen, sterker door strijd
Rotterdamse wereldfaam waar maken.

Dit zijn de namen
Die de stad maken of kraken-
Kruis nu de jouwe aan.

M.S.

donderdag 13 maart 2014

Rotterdam Centraal



Vandaag wordt dan eindelijk het nieuwe Rotterdam Centraal geopend, iets waar we al weken tegenaan zitten te hikken. Dan wel in de trein, dan wel in de tram of op een andere plek. En zelfs al voor de opening is het duidelijk dat het een aanwinst is voor de stad. Daar mogen best een paar regels aan gewijd worden, dacht ik zo. Dus bij deze een ode aan het nieuwe station.

Rotterdam Centraal

Altijd in de belangstelling
Stellig overtuigd:
Gewoon is al gek genoeg,
Maar overal voor in.

In het middelpunt is alles zoals het is
En toch net even anders
Dan anders
En anders niet dan, ja toch,
Dat dacht ik,

Want Centraal
Is toch duidelijke taal:
Rotterdams, groot,
Wandelgebouw, slingert
Je zo de stad in, de hort op.

Lekker in de belangstelling,
Stellig overtuigd:
Gewoon is al vaak al gek genoeg
Maar overal voor in
Want het kan altijd gekker.

M.S.

NB: Foto: www.rotterdam.nl

woensdag 5 maart 2014

Enige tijd later..

Ben je al heel lang niet meer op deze blog geweest, maar is er in de tussentijd veel veranderd. Zo is mijn eerste roman, 71|17, na de oproep van vorig jaar uitgebracht, gepresenteerd en in de winkel beland. Zijn de gedichten schaarser geworden, maar wordt er nog steeds geschreven (ook al schrijf ik daar dan weer minder blogs over). En zijn er workshops gegeven, zijn we weer een aantal optredens verder en wordt er hard gewerkt aan nieuwe sites. Alles begint weer van voren te lopen, het ene wat sneller dan de andere, maar toch. Er moet weer meer geblogd worden, ik besef dat ook. Tot die tijd, geduld a.u.b. Er komt spoedig, ik herhaal, spoedig, meer werk en meer nieuws.

-M.S.

woensdag 27 maart 2013

100 e-mailadressen


In het nabericht van de vorige blog zei ik dat als ik 100 e-mailadressen verzameld zou hebben, ik een nieuw en langer fragment uit 71|17 zou posten. Nou, het is me gelukt (DANK!) en ruim voor mijn sluitingstermijn (HOERA!). Dus zonder al te veel woorden meer vuil te maken, en me weer te storten op de laatste correcties voordat het manuscript naar de vormgever gaat, het beloofde fragment:

(...)Rashid begon te tikken met zijn voet. Enkele tikken later pakte hij in recordtijd zijn pakje sigaretten uit zijn zak, nam zijn laatste sigaret eruit en stak hem op. Ik heb het mijn moeder Eva ook wel eens zien doen. Stiekem, als mijn vader niet thuis was. Ze ging dan in haar eentje naar buiten. Even een blokje om. Ik heb haar nooit verteld dat ik door het raam keek, om te zien waar ze heen ging. Eva ging dan ook nergens heen. Voor ons huis zag ik haar een sigaret opsteken. Gehaast, alsof niemand het mocht zien. Nu ik eraan terug denk, meende ik een traan over haar wang zien rollen. Schouders die schokten. Ze zag er gebroken uit, als iemand die het even niet meer zag zitten. Toen was ik nog te klein om te begrijpen wat ik zojuist gezien had. Nu pas realiseerde ik me dat ik het begin van het einde had aanschouwd. Het einde van ons gezin, haar moederschap. Ik nam aan dat de vertraagde beelden van een rokende Rashid voor me niet dezelfde lading zouden hebben. Net toen ik ook een sigaret op wilde steken tikte Martin mij aan.
‘Daar,’ zei hij en wees in de richting van de Oude Binnenweg.
‘Waar,’ riep Rashid uit, ‘wat?’
Ik zag ook niets, maar bleef die richting opkijken. Opeens merkte ik een meisje op dat er goed uitzag, alleen liep en onze kant op kwam. Ik had haar eerder gezien, kende haar ergens van. Hopelijk is het niet weer Miranda, zei ik in gedachten. Voor een antwoord zou ik moeten wachten.
Martin had intussen zijn onderzoekende pose ingewisseld voor een ‘ik ben Martin, lekker intellectueel en gewillig’-pose. Toen ik mijn hoofd draaide naar Rashid was hij net bezig zijn haar te bewonderen in de etalageruit. Vanuit mijn ooghoek zag ik mijn spiegelbeeld breed naar me grijnzen. Ik keek hem aan. Hij veranderde plotseling in een oude man, die daarna tot stof verging. Uit het stof herrees mijn spiegelbeeld, om dit keer langzamer tot stof te vergaan. Bij het wegrotten van elke laag huid en spieren sijpelde er donkerrood bloed naar beneden. Dit veranderde in een zwarte drab, waar vliegen en maden zich in rap tempo begonnen te nestelen. Het gezicht verzakte waardoor het steeds droeviger begon te kijken. Mijn handen begonnen te trillen en de knoop in mijn maag begon op hetzelfde moment dat mijn rug klammer dan ooit begon te voelen. Ik voelde me misselijk worden en neigde te gaan overgeven. Vol afgrijzen wendde ik mijn hoofd af, zodat Rashid weer in mijn blikveld stond. Hij had een ‘stoere, verleidelijke’ houding aangenomen. Jammer voor hem leek het mee op een kakhouding.
Rashid stond tegen de etalageruit geleund. Hij was iets door zijn gespreide benen gezakt, had zijn handen in zijn zij gezet en grijnsde breed. Het leek alsof hij iets wilde zeggen. Kijk mij, ik ga straks kakken op straat om indruk te maken op een meisje, hoorde ik hem in mijn verbeelding zeggen. Ik lachte in mijn vuistje, maar vond het tegelijkertijd best zielig. Rashid maakte zo absoluut geen kans. Toch was het een goede jongen. Een vriend. Hoewel hij altijd zijn best deed, faalde hij keer op keer bij de vrouwen. Maar we gunden hem stiekem meer, hoe hard we hem ook uitlachten.
Het meisje moest ons ook al hebben opgemerkt, want het begon me duidelijk te worden dat ze recht op ons af liep. Hoe meer ze ons naderde, des te meer deed ze me denken aan Sofía. Toen ze nog maar een paar meter van ons verwijderd was, bleek het inderdaad Sofía te zijn en sprong ik bijna een gat in de lucht van blijdschap. Ik had geen tijd om het werkelijk te doen, want Sofía sloeg haar armen om mijn nek en zoende me vol op de mond. Mijn tong gleed automatisch naar binnen precies op het moment dat ze haar lippen van elkaar haalde. Even kwam het in me op dat Martin en Rashid er bij stonden en naar keken. Maar die gedachte was even snel verdwenen als dat hij gekomen was. De knoop in mijn maag kwam spontaan terug, maar zorgde dit keer niet voor een misselijk gevoel. Het voelde eerder alsof ik heel licht werd en begon te zweven. Alsof Sofía me op een wolkje tilde en wij er samen vandoor zouden vliegen. Gelukkig. Verliefd. Verbonden door een kus waar geen eind aan leek te komen. Alles om ons heen was niet belangrijk meer, slechts het hier en nu telde. Mijn Sofía, de jonge vrouw die mijn hart in vuur en vlam zette. Mijn Sofía, wiens hart een mysterie was voor mij maar zich liet schenken aan mij. Ik…
‘Ahum,’ hoorde ik links van mij.
Ik gaf geen kik.
‘Ahum,’ hoorde ik weer. Dit keer kwam het van rechts en was het wat harder, wat meer overdreven.
Ik moest lachen en hield op met zoenen.
‘Zou je ons niet even voorstellen,’ vroeg Martin.
‘Ja joh,’ plakte Rashid eraan vast, ‘heb je nooit van delen gehoord?’
Hij knipoogde.
Sofía keek me heel verlegen aan. Tegelijkertijd lachte ze haar mooiste lach. Dat was de mooiste glimlach van een meisje die ik tot nu toe had gezien. Op dat moment was ze op haar mooist. Mooier dan ze zojuist was kon ze bijna onmogelijk worden. Tegelijkertijd was het ook een kwetsbare lach, waarmee ze om hulp riep. Mijn hulp. Ze drukte zich tegen me aan en sloeg een arm om mijn middel. Even kneep ze me zacht en keek me toen aan. Ik hoopte dat ze zou zeggen ‘Help, vriendje. Die jongen is gemeen’, maar dat zei ze niet. Ze gaf me wel een warm gevoel. Het idee dat ik haar koene ridder was die haar moest beschermen. Ik lachte terug en kreeg nog meer vlinders in mijn buik, voelde me ongemakkelijk. Ze was mooi en verraste me daar elke keer weer mee. Maar voor de twee jongens tegenover ons wilde ik me niet laten kisten, overkomen als een watje. Dus stelde ik haar fier en vrolijk voor.
‘Je hebt gelijk,’ zei ik nog half lachend, ‘dit is mijn meisje. Sofía.’
(...)


M.S.

NB: t/m 31 maart a.s. kun je nog je e-mailadres opgeven om de éénmailge promotiemailing te ontvangen van 71|17 van Uitgeverij Free Musketeers. Daarna is het niet meer mogelijk en wordt het gewoon afwachten tot het boek uit is.

maandag 18 maart 2013

Sneak-preview

Zoals ik nu al een week roep: ik ben e-mailadressen aan het verzamelen voor een éénmalige promotiemailing vanuit de uitgever. Daarin volgt alle info over mijn aanstaande debuutroman 71|17, incl. prijs, aantal pagina's, waar het aan te schaffen is, cover&auteursfoto en overige informatie over het boek. Mocht je je afvragen waar dat dan voor is.

Nu heb ik het minimale (voor de uitgever benodigde) aantal van 50 e-mailadressen inmiddels voorbij gestreefd, dus dat is mooi (in vijf dagen tijd, YEAHHH!). DANK U, DANK U ZEER. Als dank daarvoor, en om mensen die nog twijfelen of gewoon over de helft van mijn posts heen leest, hier een korte sneak-preview van het boek:

'(...) Ik stond op en liep weer naar de badkamer. Ik keek in de spiegel. Dit keer was het niet mijn spiegelbeeld wat ik zag, maar een lichaam met een razende tornado erop. Het had ogen, een mond, een neus en twee oren. Ik had zo een cartoon binnen kunnen wandelen. Om alles met de grond gelijk te maken. Althans, zo voelde ik me. En dan zou het Sofía zijn, die me kwam bedaren. Als een Amazone kwam ze dan aan galopperen op een groot, zwart paard. Het zag er belachelijk uit. Ik wreef in mijn ogen. Daar was mijn spiegelbeeld weer.
Om een voor mij onbekende reden praatte ik soms met mijn spiegelbeeld. Op zich niet heel bijzonder. Maar het rare ervan was: mijn spiegelbeeld sprak terug. Weliswaar in mijn verbeelding, maar het sprak. Soms vroeg ik me dan wel eens af of dat nou wel zo gezond was. Of was ik gewoon gek aan het worden? Misschien kwam het wel door al dat piekeren van mij, waar Stephan het al over had. Misschien had hij dan toch gelijk.
‘Je wordt gek,’ zei mijn spiegelbeeld opeens, ‘maar dat is niet zo raar. Je hebt veel meegemaakt de laatste tijd.’
‘Je hebt gelijk,’ antwoordde ik verveeld, ‘het wordt tijd dat ik jou ga negeren.’
‘Waarom? Ik probeer je alleen maar te helpen.’
‘Je werkt op mijn zenuwen. Ik sluit mijn ogen en binnen vier tellen ben je voorgoed uit mijn hoofd verdwenen, begrepen?’
Ik sloot mijn ogen. Telde tot vier. Toen deed ik mijn ogen weer open. Hij was weg. Ik keek nu mezelf weer in de ogen. Tijd om terug naar bed te gaan. Stephan lag nu te slapen op de bank. Ik stapte mijn bed in en viel als een blok in slaap. (...)'


M.S.

NB: de vraag om e-mailadressen blijft doorlopen t/m 30 maart. Tot die tijd kun je je dus aanmelden om de mailing te ontvangen, zie in dit bericht hoe! Of om vrienden ervan te overtuigen hetzelfde te doen. Bij 100 e-mails volgt een nieuw (langer) fragment als sneak-preview!

woensdag 13 maart 2013

Oproep


Same story als het vorige bericht, want we zijn er nog lang niet! Daarom dus een nieuwe oproep (en ja, ik geniet hiervan), voor degenen die het gemist hebben (bijna onmogelijk) of het niet helemaal doorgekregen hebben:

'Het debuut 71|17 van Miguel Santos op voorhand bestellen? Dat kan! Dit zijn je mogelijkheden:

- E-mail met HEBBEN! naar ms_miguelsantos@hotmail.com en je (volledige) naam;
- Een privébericht op Facebook met HEBBEN! (als wij vrienden zijn, gaat dat helemaal goed komen);
- WhatsApp of SMS je e-mailadres en je (volledige) naam voor de zekerheid (als je mijn telefoonnummer hebt, tenminste);
- Of gewoon tegen me zeggen als ik voor je sta, en dan noteer ik je.

Je ontvangt dan een éénmalige mailing over het boek, met meer informatie en hoe aan te schaffen. Houd ook mijn blog miguelsantos.nl in gaten voor meer nieuws!

71|17

De 71-jarige Michel Kant heeft last van waanbeelden en vervormde herinneringen. Toch is hij ervan overtuigd dat zijn herinneringen de juiste zijn. Met name de herinneringen aan zijn tienerjaren, toen hij op zeventienjarige leeftijd de liefde van zijn leven ontmoette. Op dat moment maakte de jonge Kant van alles mee. Sofía, het meisje van zijn dromen, blijkt echter niet voor één gat te vangen, of toch wel? Door vaak terug te denken probeert de oude Kant erachter te komen wat er gebeurde tussen de twee geliefden. Maar is alles wel zoals hij denkt dat het is? '


M.S.

NB: meer info over de uitgeverij, Free Musketeers, vind je hier.

maandag 11 maart 2013

E-mailadressen


Zit een beetje met de handen in het haar. Zoals ik eerder al schreef moet ik weer aan de bak. aangezien ik ook zo'n heerlijke chaoot ben, doe ik natuurlijk van alles tegelijk. Denk aan alles tegelijk. Eén van de dingen die ik ook moet doen voor het boek is een lijst van minimaal 50 e-mailadressen opsturen naar mijn uitgever van mensen die op voorhand mijn roman willen bestellen, en daar dus een éénmalige mailing over ontvangen. Als ik me niet vergis, moet dat in een maand gebeurd zijn. Nu ken ik een heleboel mensen, maar hoe begin je zoiets? Op mijn laptop is het heel makkelijk: Excel, formuliertje maken, naam+e-mail toevoegen. Opslaan en weer verder mensen aanspreken.

Maar op welke manier? En hoe doe ik dat het snelst? Goed, ik kom op veel plekken en spreek veel mensen. Op de man af is het te doen. Je schrijft even de naam op en het e-mailadres. Maar dat gaat wel langzaam. En met bijna 900 Facebookvrienden, moet er toch een manier zijn om al die mensen tegelijk te benaderen. Nu dacht ik eerst aan een simpele poll, maar dat is best afgezaagd. Nog spectaculairder zou zijn: 'Het boek 71|17 van Miguel Santos op voorhand bestellen? SMS BOEK + naam en e-mail naar 7117' maar die luxe heb ik helaas niet. Het wordt dus ouderwets mensen aanspreken, spammen (niet te veel, natuurlijk), en heb ik het geluk dat ik zo lekker actief ben op vele vlakken (waaronder sociale media). Dus bij deze de oproep:

'Het debuut 71|17 van Miguel Santos op voorhand bestellen? Dat kan! Dit zijn je mogelijkheden:

- E-mail met HEBBEN! naar ms_miguelsantos@hotmail.com en je (volledige) naam;
- Een privébericht op Facebook met HEBBEN! (als wij vrienden zijn, gaat dat helemaal goed komen);
- WhatsApp of SMS je e-mailadres en je (volledige) naam voor de zekerheid (als je mijn telefoonnummer hebt, tenminste);
- Of gewoon tegen me zeggen als ik voor je sta, en dan noteer ik je.

Je ontvangt dan een éénmalige mailing over het boek, met meer informatie en hoe aan te schaffen. Houd ook mijn blog miguelsantos.nl in gaten voor meer nieuws!

71|17

De 71-jarige Michel Kant heeft last van waanbeelden en vervormde herinneringen. Toch is hij ervan overtuigd dat zijn herinneringen de juiste zijn. Met name de herinneringen aan zijn tienerjaren, toen hij op zeventienjarige leeftijd de liefde van zijn leven ontmoette. Op dat moment maakte de jonge Kant van alles mee. Sofía, het meisje van zijn dromen, blijkt echter niet voor één gat te vangen, of toch wel? Door vaak terug te denken probeert de oude Kant erachter te komen wat er gebeurde tussen de twee geliefden. Maar is alles wel zoals hij denkt dat het is? '



Zoiets lijkt me wel een mooi begin. Het moet wel een blog blijven, natuurlijk. Geen advertentiekanaal, zoals ergens in het boek 'Sex, Blogs en Rock'n'Roll' van Ernst-Jan Pfauth te lezen is. Maar om een lang verhaal kort te maken: de lijnen zijn geopend! Ga ik ondertussen verder met het overige. Afgelopen weekend mijn auteurscontract ondertekend ontvangen, dus heb ik vanaf nu drie maanden om het manuscript nogmaals te perfectioneren, bij te schaven, op te poetsen, opleuken, etc.

M.S.

zaterdag 2 maart 2013

Vrije dag

Zo rond de klok van tien uur vanochtend deed ik voor het eerst mijn ogen open. Onder mijn raam hoorde ik in eerste instantie een duivenposse, gevolgd door een opstartende en vervolgens wegrijdende auto. Het derde geluid wat ik hoorde was dus die gevreesde luidruchtige buurvrouw. Helaas voor mij was ik net te laat wakker om er dusdanig last van te hebben dat ik mijn bed uit kon springen om haar deur te bewerken en vervolgens een vloekwoordelijke kanonnade op haar af te vuren. Neen, na de vierde hoge AAAAAAHHH! hield de sessie op. Maar jij bent inmiddels wakker. Hoopt op een nieuwe sessie, zodat je alsnog die deur kan opzoeken. Maar nee.

Dus maar de keuken in voor wat water. Daarna maar een sigaret roken en dan op je gemakje wakker worden. Denken aan van alles en nog wat. Zoals mijn optreden bij Boek NU! afgelopen donderdag, wat ik zelf wel een opsteker vond. Ging best lekker. Presentator Daniel Dee kondigde aan dat ik dit jaar tweemaal ga debuteren, met proza en poëzie. Zoals ik een van de voorgaande blogs al riep, lijkt dat poëzie me nog een dingetje worden. Maar proza, ja. Dat terzijde, want ik kwam poëzie voordragen bij Boek NU! Opkomend schrijftalent Robbert Meijntjes heeft één van de gedichten die ik deed, 'Bombardement (die ik wel eens beter heb gedaan, volgens mij, maar dat weet ik niet zeker)', gefilmd:

Nu eindelijk dit filmpje is geüpload, is de buurvrouw ondertussen een sessie verder en tegelijk met de koffie klaar. is het nu tijd voor de rest van de dag. Een vrije, weliswaar. Kunnen we leuke dingen gaan doen. En moet nog de stad in om een cadeautje te kopen. Geen idee wat, maar ik red me vaak het best met een last minute. Opeens krijg je dan zo'n ingeving. Nu eerst nog een kopje koffie om wakker te blijven en dan maar eens op pad. Na een kampioenenontbijt, uiteraard. Maar dat houd ik dan wel voor mezelf. Ik heb namelijk niet vaak een vrije dag.

M.S.

donderdag 28 februari 2013

Doorgaan

Dat was een beetje de toon van het eerste telefoontje dat ik ontving vandaag. Uiteraard had Aphrodite een heel goed punt, behalve dat ik dan net wakker was. Echt. Gisterochtend gebeurde precies hetzelfde. Met als enig verschil dat ik me vandaag iets beter voel. Dus om de vraag te beantwoorden: er ligt nog een aardige to do-list te wachten, te schreeuwen om afgemaakt te worden. En dat gaat gebeuren de komende zes uur, voor ik vertrek naar Katendrecht voor een voordracht. In het kader van vriendschap, het zal mij benieuwen. Ik denk dat ik daarvoor dit meeneem, maar moet daar nog even over beraadslagen. Komt ook nog in een nog te verschijnen dichtbundel, maar daarover later meer. Moet vanavond in ieder geval tien minuten vullen, dat zit wel snor. Iets met vriendschap, en dan eigen keuze.

Straks eerst maar eens werk maken van de roman die ook nog uit moet komen, '71|17'. Zo blijven we bezig, en is het eigenlijk heel terecht dat Aphrodite de beginvraag stelde. Ik heb geen idee. Nou dan, zegt ze, hop aan de slag. En lachen. Positief blijven. En anders denk je maar aan mij. Lijkt me een goed plan, anders word ik nooit een groot schrijver, natuurlijk. De muzes, daar draait het allemaal om. Aphrodite knikt streng, tapt met haar voeten op de grond. Twee woorden, negen letters. Ik ga al, ik ga al. Mag ik daar een muziekje bij?

M.S.

vrijdag 22 februari 2013

Opnieuw beginnen


Binnenkort moet ik weer opnieuw beginnen met lezen, corrigeren en herschrijven van mijn roman '71|17'. Een heerlijke onuitspreekbare titel, maar dekt wel exact de lading. Afijn, het zou zomaar eens kunnen gebeuren dat het dit jaar eens gepubliceerd wordt. Door een echte uitgeverij. Wel een die qua werkwijze enigszins afwijkt van de reguliere uitgeverijen, zoals Nijgh&Van Ditmar bijvoorbeeld. Maar toch. Ik had het manuscript ingezonden voor de Nieuwe Schrijvers Prijs en de uitgeverij die het organiseert belde me op met het heuglijke nieuws dat ze het hadden gelezen en het sowieso uit wilden geven, ongeacht hoe het met de prijs afloopt. Dat is goed nieuws, want dan kan ik misschien dit jaar nog mijn eerste prozaboek toevoegen aan mijn boekenkast en daarna gelukkig sterven met die prestatie op zak. Tjakkaaaaaaaa!

Oh nee, er was nog meer. Ook mijn poëzie bleek een beetje opgemerkt te worden door een uitgeverij hier in Rotterdam. Iets wat mij heel erg deugd doet, want het is dichterbij dan die grachtengordeluitgevers, je eigen stad en ik ken ze ook persoonlijk. Het gesprek loopt nog met hen, maar hier kan ik serieus kans maken om een heuse bundel die uitgegeven is door een erkende uitgeverij (voor zover ik weet) insturen voor de C. Buddingh'-prijs. Alleen die mogelijkheid tot inzending maakt me al blij. Wat zeg ik: BLIJ! Maar zover is het nog niet, er wordt over en weer gemaild, gelezen en geschreven. Maar men is positief over mijn werk, dus dat scheelt in ieder geval! Voordragen begint ook weer wat aan te trekken. Zo sta ik volgende week, op donderdag 28 februari om precies te zijn, geprogrammeerd bij Boek NU!, gepresenteerd (en georganiseerd?) door de huidige - nu komt het - Stadsdichter van Rotterdam Daniel Dee. Die weer te gast was bij Het Nieuwe Dicht #2, wat ik zelf organiseer.

Waar het op neer komt, is dat ik zomaar aan het einde van dit jaar mezelf serieus 'schrijver' of 'dichter' of misschien wel 'schrijver/dichter'. Dat laatste zou mooi zijn. Maar goed, we zijn goed bezig, maar voor de vlag uitgehangen wordt is er nog wel flink wat werk voor de boeg. En alvast wat post verzenden. Mails sturen. Bleh. en doorschrijven. Pfew, dat houdt de moed nog een beetje in leven. En de vooruitzichten goed.

M.S.

Luchtkasteel

Met mijn hoofd
In de wolken droom
Ik een luchtkasteel
Waar mijn Penelopeia en ik
Gelukzalig wonen.

Waar zij haar schoonheid
En haar stralende lach strooit
Naar alle windstreken,
Sta ik achter haar,
Wakend met pijl en boog.

Elke dag lijken er meer en meer
Vrijers af te komen op ons luchtkasteel,
Proberen met ladders omhoog
Te klimmen- ik zie overal demonen
Met engelenmaskers op.

Maar hoe hoger ze komen
Des te bloeddorstiger hun hoektanden
Lijken te worden, smachtend naar de hals
Van mijn liefde- mijn handen
Kiezen berekenend de vijanden

Die het gevaarlijkst zijn, te dichtbij komen-
Ze liggen immers voor het oprapen en schoon
Schip is zo gemaakt, zo ook
De muren van mijn luchtkasteel, een droom
Van gelukkig leven, waard te bewaken.

Van nieuwe vijanden ben ik niet bang-
Met twaalf bijlen nog achter de hand
Maak ik gehakt van al die vrijers- ja,
Want in mijn luchtkasteel zijn wij Penelopeia
En Odysseus, samen de troon van Ithaka.

M.S.

woensdag 20 februari 2013

Kubuswoning

‘Dit huis is van mij,
Maar niet het mijne,’
Denkt ze.

Zestien vierkante meter ruimte,
maar geen goede plek
Voor een thuis.

Hoe hard ze ook schreeuwt,
Goedpraat,
Wendt en keert,
Steeds harder klaagt
Dat dit huis niet het hare,
Die kubus van een woning
Omgeven wordt door het nare,
Geen ziel die haar gelooft.

Dit huis is van haar
Maar niet het hare,
Denk ik.

Zestien vierkante meter om te draaien
In ongelukkige rondjes,
Geen hond die ernaar kraait.

Zelfs niet als de kubus
Gehuld is in een eenzame jas,
De woning in nachtzwart.

Zestien vierkante meter ruimte
Dat van haar maar niet de hare is,
Zoals de stad niet haar stad is.

M.S.

dinsdag 11 december 2012

Rubberboot

Op zaterdag 8 december 2012 presenteerde Marco Martens zijn verhalenbundel 'Rubberboot' (hier te bestellen) in een voor twee derde gevuld met Eindhovenaren Café Hemingway. Het maakte het er niet minder op. En dat terwijl de eerste recensie al binnen was, na een voorverkoop tijdens de PoetsClub Rotterdam op 5 december jl. De dichter Martin Aart de Jong schreef een dag later enkele lovende woorden voor het slechts 48 pagina's tellende boekje. Ook zagen we al een heuse book trailer voorbijkomen:


Jeroen Naaktgeboren praatte alles aan elkaar. De dichters vooral. Kobus Carbon, Gino van Weenen, Stijn van Kruijsdijk, Von Solo en ik. Jeroen opende zelf ook met een twee gedichten. Later zou hij zeggen dat hij die avond voor het eerst voordroeg in Hemingway. Een primeur, want normaliter draait hij plaatjes of is organisator van de Poetry Slam Rotterdam. Over de dichters zou Marco Martens, ook wel bekend als Macronizm, over de dichters zeggen: 'Dat doe ik nooit meer, zulke goede dichters uitnodigen. Dan moet je zelf nog en is het beste al geweest.' Valse bescheidenheid, ik zeg het je. Later werd over zijn voordracht uit de verhalenbundel 'Rubberboot' gezegd: 'Ik zou de hele avond wel naar die man kunnen luisteren.' Zwijmelende blikken van blauwe ogen, en dat allemaal door een zachte 'G', die nog niet de stad uit geschopt is door de Rotterdamse tongval.

Er was ook muziek. Ene Che speelde Nederlandstalige liedjes. Geestig en vol overgave. Om heel eerlijk te zijn: mocht ik ooit nog eens iets uitbrengen, presenteer ik het ook in een café. Dat is wel zo sfeervol. Een goede avond, die me ook nog een warme knuffel opleverde alvorens de voetjes van de vloer te gooien door DJ Native (er was ook nog een saxofonist die samen met de DJ de soul en funk brachten die de avond compleet maakten. Er was ook een Jeroen Naaktgeboren die de mic pakte en freestylend meedeed.). Als laatste gedicht droeg ik een vooraf aan de bar geschreven ode voor Marco, ter gelegenheid van zijn bundelpresentatie. Dit is het volledige gedicht:

Dit is mijn eiland in de zon

Dit is mijn eiland
In de zon,
Waar ik voor de kust
In rubber ronddobber.

Dit is mijn kamp
In het zuiden,
Waar ik vanuit mijn tent
al het leven observeerde voor ik vertrok.

Dit is mijn land
In de zee,
Waar ik roei met riemen
Die voor de hand liggen
Maar niemand heeft.

Dit is mijn eiland
In de zon,
Waar ik aan trek om te vormen
Maar rubber is minder rekbaar
Dan ik dacht-
Maar mijn rubberboot vaart minder
Kilometers dan ik kan lopen
Door Rotterdam
Zonder te dobberen.

M.S.

vrijdag 23 november 2012

Ode aan twee kapsalonmakers

Het harde werk
Van bloed, zweet en
Essentiële ingrediënten
Verbindt hen.

Ook als hij
Voor de zoveelste keer
Vraagt of zij
Alles heeft ingepakt.

Ook als zij
Voor de zoveelste keer
Herhaalt wat hij
Moet vervoeren op zijn achterbank.

Het kokende vet
Van patat, vlees en
Sauzen in knijpflessen
Verbindt hen.

Ook als hij
Voor de zoveelste keer
Terugkomt om zijn
Autosleutels – vergeten – te pakken.

Ook als zij
Hem aankijkt
Met de handen in de zij
En liefdevol probeert niet te lachen.

Het wordt gezegd
In goedheid, het meest in
Haar levendige ogen die
Haar liefde voor hen in blikken zendt.

Ook als zijn
Lichaamstaal eigenlijk
Zegt dat hij
Aan haar zijde wil blijven.

Ook als zij
Hem al veertien jaar zegt te vertrekken
Voor een bezorging en
Zich verheugt op zijn terugkeer.

Want het harde samenwerken,
Het bloed, zweet en
Essentiële ingrediënten
Verbindt hen,
Maakt hen zichtbaar
Gelukkig.

M.S.

woensdag 21 november 2012

Ode aan de typemachine

Vandaag is alles anders-
De regen van buiten valt
Mijn hoofd binnen, waar
Het tikken alsof een machine
Echo’s vormen in mijn
Voorhoofdsholte.

De regen steelt mijn pijp
Nog voordat ik hem überhaupt
Kan kopen, laat vlekken
Achter op dit bureau,
Achter op dit papier,
Doet me denken aan letters.

In de echo hoor ik haar
Voetstappen naderen, ongrijpbaar
En nog veel te ver verwijderd- gestaag
Tikken haar hakken alsof een machine
Richting de echo van de mijne,
Metronomisch, anders dan mijn schrijfritme.

Vandaag is alles anders-
De regen buiten valt
Mijn hoofd binnen, waar
Het tikken alsof een machine
Het schrijven niet mag stoppen, waar
Haar loopritme zich tot voelt aangetrokken, waar
Ik inkt huil die letters vormen
Om alles niet kwijt te raken, maar
Mijn voorhoofdsholte stroomt
Overvol.

M.S.

NB: Dit gedicht is naar aanleiding van een krantenartikel in de Metro, dat berichtte dat de fabriek van Brother in Wales de laatste typemachine uit Groot Brittannië van de band is gerold. De BBC sprak van 'het einde van een tijdperk'. Nu ligt mijn (elektrische) typemachine al jaren te verstoffen in het ouderlijk huis, vind ik dit nieuws toch schokkend.

Voor mij als dichter/schrijver/literatuurliefhebber zijn er weinig mooiere geluiden dan het geluid van het getik op een typemachine. Magisch. Een ongekende charme gaat verloren. Vandaar mijn ode hierboven en hieronder een illustratie door Michael Winslow van dit prachtige geluid door de jaren heen. Laat ik daarna het woord aan Remco Campert.

History of the typewriter recited by Michael Winslow from SansGil—Gil Cocker on Vimeo.

donderdag 8 november 2012

Over het luisteren naar woorden

Als je de ogen sluit
Begin dan pas met luisteren,
En wees blanco.

Als je de ogen sluit
Begin dan pas met luisteren
En geef je over.

Pas dan is de smet
Van campagnepamfletten,
Televisiespotjes en andere gekte
geen blinde vlek meer.

Pas dan speelt muziek
Geen rol als je mag kiezen
Tussen verworven euforie
Of verloren melancholie.

Als je de ogen sluit
Buig ik over de kloof
Tussen ons in naar je toe en hoop
Dat die stenen woorden het houden.

Als je de ogen sluit
Bouw ik een verbindende brug
Waarover onze ideeën heen en terug
Lopen, tussen Bob en Bep die bouwen.

Pas dan kunnen kleurloze idealen
Vorm en kleur verenigen in een natie
Die wij zelf stichten,
Precies zoals wij dat willen.

Pas dan hoor je woorden
Die volzinnen worden
Boordevol inhoud,
Boordevol betekenis die monden
Vrij laten om zelf te kiezen
Wat monden met monden verwoorden.

Als je de ogen sluit
Beginnen regenbogen te luisteren
Naar bruisend blanco.

Als je de ogen sluit
Komen gesproken woorden levend aan,
Wordt een kil statement
Pas een warme dialoog.

Pas dan gaat spraakwater
Van natte droom naar grootse daad,
Werken woorden zinvol samen.

Pas als je de ogen sluit
Begin dan echt te luisteren,
Onuitgesproken, zonder ruis.

M.S.